Actueel

Zakelijkrijden.nl biedt u het laatste nieuws over zakelijk rijden.

Archief

Categorieen

Links

Laatste berichten..




Merendeel leaserijders registreert aandeel privé kilometers onjuist

Suzanne van den Bremer Maandag 19 December 2011

Elst, 20 december 2011.  Uit een enquête gehouden door Zakelijk Rijden, blijkt het merendeel van de zakelijke rijders hun aandeel privé kilometers in hun totale rit niet goed te kunnen toewijzen.
Hierdoor is het mogelijk dat zij ten onrechte te veel of te weinig  privé kilometers opnemen in hun rittenregistratie. Terwijl de grens voor 500 privé kilometers voor hen essentieel is om buiten de bijtelling te blijven.

De enquête legde drie situaties voor waarbij op één dag zowel een zakelijke als een privé bestemming werd aangedaan. Daaruit bleek dat de voorgelegde situaties door 45% tot zelfs 65% van de respondenten niet correct werd geadministreerd. In veel gevallen betrof het onnodig geregistreerde privé kilometers.

Belastingdienst
Met het nieuwe fiscale jaar voor de deur nemen veel leaserijders en ondernemers opnieuw de beslissing hun auto in 2012 wel of niet bij te tellen. De belastingdienst vraagt een sluitende (en controleerbare)rittenregistratie om het privé gebruik van een auto te bewijzen. Echter, bij gecombineerde privé en zakelijke ritten hoeven alleen de omgereden kilometers als privé vastgelegd te worden. Daarom is het van belang om binnen één gecombineerde rit van privé en zakelijke bestemming de juiste verdeling te maken. Het merendeel van de zakelijke rijders blijkt hier niet van op de hoogte te zijn.

Juiste berekening
Om aan de voorschriften te voldoen, heeft Zakelijk Rijden in haar online kilometerregistratie een slim algoritme ontwikkeld dat rekening houdt met het mogelijke karakter van de diverse bestemmingen. Hiermee wordt automatisch de juiste verdeling gemaakt tussen de privé en zakelijke kilometers binnen één rit. Dit voorkomt onnodige registratie van aparte ritten die een incorrect aantal privé kilometers opleveren. Registratie kan onderweg met behulp van iPhone of  Android App of online via de webapplicatie.

Bijtelling
In een compact overzicht zet Auto en Fiscus nog even op een rij hoe per 2012 de nieuwe indeling in zuinigheidscategorieën voor de bijtelling eruit ziet voor de zakelijke rijder die besluit zijn auto van de zaak wel bij te tellen.
 
Over Zakelijk Rijden
Zakelijk Rijden is een Nederlandse onderneming die online kilometer- en rittenregistratiesytemen in combinatie met smartphone applicaties ontwikkelt. Zij voorziet hiermee leaserijders, ondernemers, wagenparkbeheerders en de groeiende groep ZZP-ers in de behoefte om tijdrovende administraties overbodig te maken. Met betrouwbare online back-up en kant-en-klare rapportages voor onder andere Belastingdienst en opdrachtgevers.

Ook ritten voor lunch thuis zijn zakelijk woon-werkverkeer

Suzanne van den Bremer Woensdag 16 November 2011

Op 11 november 2011 heeft de Hoge Raad in hoogste instantie beslist dat ritten voor het thuis nuttigen van de lunch als zakelijke ritten moeten worden aangemerkt. Zulke ritten kunnen niet tot bijtelling leiden, mits het overige privégebruik niet meer is dan 500 km per jaar.

Het ging hier om een over door de werkgever ter beschikking gestelde auto met een catalogusprijs van € 120.000. De werknemer in kwestie had een sluitende rittenregistratie bijgehouden waaruit bleek dat hij in de twee gecontroleerde jaren niet meer dan 500 kilometer privé had gereden. Althans, als al het woon-werkverkeer als zakelijke rit wordt aangemerkt. Volgens de belastingdienst was dat per dag echter maar voor één rit naar het werk en terug naar huis het geval. Deze werknemer lunchte echter thuis. Als de ritten voor de lunches ook als privégebruik moeten worden meegeteld, zou hij over de 500 kilometergrens gaan. Gevolg: bijtelling over deze twee jaren ter grootte van € 30.000 bruto per jaar!

Eerder oordeelden zowel de Rechtbank als het Gerechtshof reeds dat al het woon-werkverkeer als zakelijk moeten worden aangemerkt. Onder andere kwamen zij tot die conclusie omdat voormalig staatssecretaris Wijn in 2005 het volgende stelde: “Wij hebben er expres voor gekozen om het woon-werkverkeer als zakelijk te betitelen zodat wij in ieder geval voor dat stuk van alle rompslomp af waren. Wij hebben het systeem al ontzettend vereenvoudigd”. In de wet- en regelgeving rondom het begrip woon-werkverkeer is ook nergens een beperking tot één keer per dag opgenomen.

Dit oordeel van de Rechtbank en het Gerechtshof is nu ook door de Hoge Raad bevestigd.

Wisselen van auto en de gevolgen voor de bijtelling

Suzanne van den Bremer Donderdag 11 Augustus 2011

Wisseling van auto kan soms onverwachte gevolgen hebben voor de bijtelling. Inzicht in de regels kan onaangename verrassingen voorkomen.

De bijtelling voor privégebruik is van toepassing als er een auto ter beschikking is gesteld. De wet kent de fictie dat de auto dan namelijk ook voor privégebruik ter beschikking staat. Slechts als aangetoond kan worden dat de auto op jaarbasis voor niet meer dan 500 kilometer privé wordt gebruikt, is de bijtelling niet van toepassing. Een rittenregistratie is een sterk bewijsmiddel voor dat tegenbewijs.

Kleinere, milieuvriendelijke auto’s staan steeds meer in de belangstelling. Met name door de verlaagde bijtellingscategorieën. Als daarnaast, bijvoorbeeld in de vakantieperiode, tijdelijk een tweede – grotere - auto ter beschikking wordt gesteld, betekent dat in die periode twee keer bijtelling. Maar als die grotere auto in plaats van de normale auto wordt ingezet, werkt de catalogusprijs van die grotere auto alleen tijdens die betreffende periode door in de bijtelling en geldt de rest van het jaar een bijtelling op basis van de reguliere auto.

Als de reguliere auto normaliter niet privé wordt gebruikt, maar gedurende een bepaalde periode (bijvoorbeeld tijdens de vakantie) een andere auto wel privé wordt gebruikt, dient men alert te zijn op de bijtelling. Als die andere auto de normale auto vervangt, wordt voor dit hele jaar de 500-kilometergrens overschreden en geldt voor het héle jaar de bijtelling. Om de bijtelling te voorkomen, moet immers aangetoond worden dat op jaarbasis niet meer dan 500 kilometer privé wordt gereden met de ter beschikking gestelde auto. Als dat meerdere - elkaar opvolgende - auto’s betreft, tellen daarbij alle kilometers van die verschillende auto’s mee. Rechtbank Arnhem heeft dat nog niet zo lang geleden nog weer eens bevestigd.

Voor de situatie dat er gelijktijdig meerdere auto’s ter beschikking staan, keurt de belastingdienst goed dat per auto wordt aangetoond dat er op jaarbasis niet meer dan 500 kilometer privé wordt gereden. Dat betekent dat voor de normale auto een kilometeradministratie bijgehouden kan worden om de bijtelling te voorkomen, terwijl de bijtelling alleen wordt toegepast over de extra auto voor bijvoorbeeld de vakantieperiode.

Kans van 1 op 6 dat incorrecte kilometeradministratie wordt opgemerkt

Suzanne van den Bremer Woensdag 25 Mei 2011

Er zijn in Nederland ongeveer 180 duizend berijders die hun leaseauto niet bijtellen door een zogenaamde 'privéverklaring' in te vullen. In het jaar 2010 heeft de fiscus van deze 180.000 leaserijders er 9.000 beboet, omdat ze onterecht geen bijtelling betaalden. Deze berijders hadden een Verklaring Geen Privégebruik ingevuld waarin ze - naar later bleek dus onterecht - stelden in dit jaar minder dan 500 kilometer privé te hebben gereden. Deze 500km is de bijtellingsdrempel. Het aantal beboete leaserijders ligt dus op 5% van het totaal aantal leaserijders met een Verklaring Geen Privégebruik.

Echter, volgens een inschatting van de Belastingdienst ligt het aantal leaserijders dat onterecht een verklaring invult echter op 30 procent. Dit betekent dus grofweg dat de 'pakkans' op 17% ligt. Met andere woorden, bij 1 op de 6 leaserijders die aangeven niet meer dan 500 privé kilometers per jaar te rijden, blijken de geregistreerde ritten in de overhandigde kilometeradministratie niet te kloppen.

Naast € 15 miljoen aan boetes streek de fiscus € 150 miljoen aan extra loonheffingen op.

Ook niet-schriftelijk tegenbewijs mogelijk tegen bijtelling

Suzanne van den Bremer Dinsdag 26 April 2011

De Hoge Raad, de hoogste belastingrechter, heeft onlangs uitspraak gedaan in een zaak over de reikwijdte van de tegenbewijsregeling ter voorkoming van de bijtelling. Dit tegenbewijs hoeft volgens de Hoge Raad niet per se schriftelijk te worden geleverd.

Het ging om een situatie waarin aan een medewerker van een verhuurbedrijf een auto ter beschikking was gesteld. Overdag werd deze auto ook door collega’s gebruikt voor het halen en brengen van verhuurauto’s naar verschillende adressen.
Deze medewerker hield zelf een rittenregistratie bij ter voorkoming van de bijtelling. Van de ritten door collega’s ontbraken in die administratie echter gegevens over de bezochte adressen en de gereden routes. Volgens de inspecteur betekende dit dat de rittenregistratie niet sluitend was, zodat alsnog een bijtelling aan de orde was.

Volgens de wet is de bijtelling echter niet van toepassing als uit een rittenregistratie of anderszins blijkt dat belanghebbende de auto in een jaar niet voor meer dan 500 km voor privédoeleinden heeft gebruikt. De lagere rechters hadden geoordeeld dat hier niet aan was voldaan omdat deze medewerker geen schriftelijke stukken had overlegd waaruit de bestemming van de ritten van zijn collega’s bleek. Wel had hij mondelinge verklaringen hierover afgelegd.

De Hoge Raad vernietigt dat oordeel echter. Volgens de Hoge Raad is de opvatting onjuist dat het tegenbewijs uitsluitend met schriftelijke stukken mag worden geleverd: Men kan met elk bewijsmiddel laten blijken dat de ter beschikking gestelde auto op jaarbasis voor niet meer dan 500 km voor privédoeleinden is gebruikt. De procedure is vervolgens verwezen naar een ander Gerechtshof: Hof Amsterdam moest bepalen of deze medewerker in het leveren van het tegenbewijs tegen de bijtelling is geslaagd. Uit de op 6 april 2011 gepubliceerde uitspraak blijkt dat volgens dit Hof de combinatie van de administratie van zijn eigen ritten en de mondelinge verklaringen over het gebruik door anderen afdoende is om de bijtelling niet van toepassing te laten zijn.?

Rittenregistratie: intentie of sluitend bewijs?

Suzanne van den Bremer Dinsdag 19 April 2011

Het luistert nauw met het bijhouden van een sluitende rittenregistratie. Rechtbank Haarlem bevestigde recent dat de rittenregistratie ter voorkoming van de bijtelling voor privégebruik een zware vorm van bewijslast kent: er moet “overtuigend worden aangetoond” dat het privégebruik op jaarbasis niet meer is dan 500 kilometer.

Het belang in deze zaak was groot genoeg: het ging om drie ter beschikking gestelde auto’s met catalogusprijzen tussen de € 97.000 en € 194.218. Gedurende een aantal maanden stonden er van deze auto’s twee tegelijkertijd ter beschikking. De totale correctie liep dan ook behoorlijk op.

De rechtbank stelt dat de rittenregistraties door deze werknemer en zijn chauffeurs weliswaar werden bijgehouden, maar later aan de hand van de agenda door zijn secretaresse werden verbeterd en werden verwerkt in spreadsheets. De verbeteringen bestonden met name uit toevoegingen van ontbrekende ritten, wijziging van in de rittenregistratie genoteerde ritten en wijziging van kilometerstanden aan de hand van een routeplanner. De wijzigingen van de kilometerstanden gebeurde daarbij niet uitsluitend op de dagen waarop de ritten werden aangevuld of verbeterd, maar soms ook op enkele dagen daaropvolgend. Ondanks al deze aanvullingen en wijzigingen komen de kilometerstanden volgens de rittenregistraties regelmatig niet overeen met de kilometerstanden volgens de spreadsheets. Hoewel de rechtbank geen twijfel heeft bij de intentie van eiser om de rittenregistraties goed bij te houden, blijkt hieruit volgens de rechtbank dat niet iedere rit nauwkeurig werd genoteerd en ook de kilometerstanden niet altijd na iedere rit werden overgenomen. Verder zijn bezoekadressen en afwijkende routes dan de meest gebruikelijke niet genoteerd.

Ondanks de goede bedoelingen en het werk dat is gedaan om rittenregistraties samen te stellen, wordt de belastingdienst in dit geval toch door de rechter in het gelijk gesteld en wordt de rittenregistratie niet geaccepteerd. Het toont het belang van een goede administratie maar weer eens aan!

Rittenregistratie bestelauto wordt afgeschaft

Suzanne van den Bremer Donderdag 03 Maart 2011

Staatssecretaris Frans Weekers heeft  op 1 maart 2011 aan de Tweede Kamer laten weten dat hij de rittenregistratie voor bestelauto’s wil afschaffen.

Dit bericht volgt op Kamervragen waaruit de wens blijkt om een afkoopregeling voor privégebruik in te voeren voor de bestelauto’s waarmee jaarlijks niet meer dan 500 kilometer privé wordt gereden.

De exacte inhoud van de nieuwe afkoopregeling is nog niet bekend. De staatssecretaris zal dit de komende maanden verder uitwerken en dit meenemen in de voorstellen voor de autobelastingen die hij begin juni bij de Tweede Kamer zal indienen. Ook de bestelauto van de ZZP’er wordt in die plannen meegenomen.

Over de dekking van de afschaffing van de rittenregistratie schrijft Weekers: “Bij de uitwerking van een regeling waarbij de rittenregistratie achterwege kan blijven, kan ik echter niet voorbij gaan aan de mogelijke budgettaire effecten van een dergelijke regeling. Dergelijke budgettaire effecten dienen generiek dan wel specifiek binnen de groep van bestelauto’s te worden opgevangen, bijvoorbeeld door het aanpassen van tarieven in de motorrijtuigenbelasting (MRB) of het aanpassen van de belasting van personenauto´s en motorrijwielen (BPM)”. Weekers zal hier de komende maanden overleg over voeren met het bedrijfsleven.

Zelfstandigen blijken zakelijke kilometers vaak in hun privé-auto te rijden

Suzanne van den Bremer Donderdag 10 Februari 2011

Uit een peiling van FNV Zelfstandigen bij leden blijkt dat de huidige regeling 'auto van de zaak' onvoldoende redeneert vanuit ondernemersoogpunt.

Zelfstandigen blijken zakelijke kilometers vaak in hun privé-auto te rijden om de totale kosten onder controle te houden. Maar al jarenlang zijn de kosten voor zakelijke kilometers in de privé-auto vastgesteld op €0,19 cent per kilometer. De respondenten vinden dit bedrag oneerlijk, omdat de kosten voor autorijden ieder jaar stijgen. Meer dan de helft van de deelnemers zou het een beter idee vinden als er een andere fiscale regeling zou zijn. Daarnaast vinden ze de huidige regeling niet simpel en flexibel. Ondernemers die wel een auto van de zaak rijden nemen vaak een bijtelling voor privegebruik voor lief omdat ze dan geen uitgebreide rittenregistratie hoeven bij te houden.

De huidige regeling is te veel gericht op werknemers. Een auto van de zaak is volgens de ondernemers alleen aantrekkelijk voor bedrijven met een hoge omzet, omdat men de auto moet financiëren uit de bedrijfskosten en de bijtelling uit de winst. Lukt dat niet, of nemen de autokosten een te grote hap van de omzet, dan moet de ondernemer het bedrijf privé ondersteunen door een auto ter beschikking te stellen.

“Bij de keuze om een auto privé of zakelijk te rijden spelen verschillende factoren een rol, zoals cataloguswaarde en het aantal gereden kilometers. Doorgaans is het verstandig om de auto in privé-eigendom te houden als je weinig zakelijke kilometers rijdt. Een auto van de zaak is in de regel voordelig als je veel zakelijke kilometers maakt en/of een duurdere auto hebt,” zegt Linde Gonggrijp, directeur van FNV Zelfstandigen. “Ondernemers zijn over het algemeen meer afhankelijk van hun auto dan werknemers, wij pleiten daarom voor een goede fiscale regeling die aansluit op de zakelijke situatie waarin iemand zich bevindt. Bovendien is het autorijden ook veel duurder geworden, wij vinden daarom de €0.19 cent per kilometer niet meer representatief, tenslotte gaan andere financiële regelingen ook mee met de tijd.”

3 Miljoen uur administratieve lasten in de kerstvakantie

Suzanne van den Bremer Dinsdag 04 Januari 2011

De kerstvakantie is een moment waarop veel berijders van een auto van de zaak hun kilometeradministratie bijwerken. Deze kilometeradministratie is een verplichting als je een zogenaamde "500 kilometer verklaring" ingevuld hebt. Maar liefst 250.000 Nederlanders houden deze uitgebreide kilometeradministratie bij.

Van de 1,2 miljoen berijders in Nederland heeft 21% een "500km verklaring" ingevuld. Dit betekent dat zij op een zeer nauwkeurige wijze een kilometeradministratie bij moeten houden om aan te tonen dat zij minder dan 500km privé rijden in de auto van de zaak. De kerstvakantie wordt vaak gebruikt om dit vervelende klusje te klaren.
Er zijn vele redenen om een "500km verklaring" in te vullen. Bijvoorbeeld als je privé al een goede auto hebt, als je twee auto's van de zaak hebt in één gezin, of als de auto van de zaak niet voldoet aan je privé situatie. 95% van de berijders houdt zich aan de regels en naar inschatting fraudeert 5% van de berijders. Iedereen moet echter een kilometeradministratie bijhouden en dat is geen sinecure.

Ook het gebruik van een black box in de auto biedt geen soelaas om onder de administratieve last uit te komen. Zelfs met het gebruik van een geautomatiseerd systeem moeten berijders nog steeds aanvullend bewijs verzamelen en gegevens overleggen, zoals tankbonnen, uitdraaien van agenda’s etc..
Als een berijder geen 100% kloppende kilometeradministratie kan overleggen krijgt hij/zij naheffingen en een boete. De controle van de belastingdienst is uiterst strikt. De Vereniging Auto Van De Zaak ziet jaarlijks meerdere voorbeelden waarbij iemand die te goeder trouw is maar slecht administreert, geconfronteerd wordt met stevige naheffingen.

VAVDZ heeft berijders in een enquete gevraagd hoeveel tijd zij gemiddeld per jaar kwijt zijn aan het bijhouden van de kilometeradministratie. Dit is gemiddeld 1,5 dag per berijder. In totaal ligt er bij de Nederlandse belastingbetaler dus een administratieve lastendruk van 250.000 x 12 uur = 3 miljoen uur per jaar.

Dit is een verkorte versie van het volledige persbericht van de Vereniging Auto van de Zaak.

Belastingdienst verstuurt brief 'Verklaring geen privégebruik auto'

Suzanne van den Bremer Woensdag 03 November 2010

Informatie van het Landelijk Coördinatiecentrum Auto

Deze week heeft de belastingdienst de aangekondigde brief verstuurd naar 220.000 leaserijders die hebben verklaard geen privé gebruik te maken van hun leaseauto. De brief wijst op de mogelijkheid om veranderende omstandigheden te melden via het bijgesloten formulier. Dit kan bijvoorbeeld betrekking hebben op een verandering van auto nadat de Verklaring Geen Privé Gebruik Auto was afgegeven. Maar ook op een wijziging in het aantal privé gereden kilometers ten opzichte van de 500km grens.

De brief van het Landelijk Coördinatiecentrum Auto van de Belastingdienst beschrijft tevens twee heldere voorbeelden, waarbij in het verleden vaak misverstanden zijn ontstaan over de naheffing. Deze voorbeelden betreffen wijzigingen die tijdens het belastingjaar plaatsvinden.

De volledige brief kunt u op onze website.

Ontbrekende gegevens maken rittenregistratie onbruikbaar

Suzanne van den Bremer Zaterdag 30 Oktober 2010

Een rittenregistratie ter voorkoming van bijtelling moet nauwkeurig worden bijgehouden. Het Gerechtshof in Arnhem heeft onlangs in hoger beroep naheffingen voor bijtelling over twee jaren in stand gelaten omdat de administratie niet voldoende compleet was.

De betreffende achtereenvolgende auto’s van deze werkneemster zijn op twee verschillende data door de fiscus op bepaalde locaties gesignaleerd. Dat zal aanleiding hebben gegeven tot controle van de rittenregistratie. Beide locaties kwamen niet overeen met ritten in de rittenregistratie. Ook de daarover afgelegde mondelinge verklaringen bleken niet voldoende consistent te zijn. Zoals de Hoge Raad onlangs besliste, is zo’n mondelinge bewijsvoering als onderdeel van het tegenbewijs tegen de bijtelling overigens wel toegestaan.

Een en ander leidt er volgens het Gerechtshof toe dat de geconstateerd moet worden dat de rittenregistratie niet steeds nauwkeurig is bijgehouden. Het Hof constateert verder dat in de rittenregistratie herhaalde malen de plaats van bestemming van een rit ontbreekt. Ook is nergens vermeld welke adressen of welke zakelijke relaties zijn bezocht. Dat maakt de rittenregistratie oncontroleerbaar en daarom minder sterk als bewijsmiddel.

De werkneemster voerde ook nog aan dat haar echtgenoot in beide jaren beschikte over een luxueuze personenauto, maar dat brengt op zichzelf volgens het Gerechtshof nog niet mee dat de aan haar ter beschikking gestelde auto niet of voor minder dan 500 kilometer voor privédoeleinden is gebruikt.

De naheffingen en boetes bleven dan ook in stand. Deze uitspraak benadrukt het grote belang van het zorgvuldig per rit bijhouden van de kilometeradministratie.

Bron: Auto en Fiscus

Zakelijkrijden.nl introduceert gebruiksvriendelijke online kilometerregistratie met smartphone-applicatie

Erik Kramer Dinsdag 26 Oktober 2010

Elst, 26 oktober 2010 – Zakelijk Rijden lanceert een website met smartphone-applicatie, waarmee autorijders hun kilometers zeer eenvoudig en tegen geringe kosten kunnen bijhouden. De koppeling met Google Maps zorgt voor directe invoering van de route. Rijders met een smartphone hoeven voor registratie alleen bij vertrek en aankomst het programma te activeren. Een abonnement kost 3 euro per maand excl. btw en is de goedkoopste in zijn segment.

De website www.zakelijkrijden.nl biedt een compleet pakket dat de ondernemer en zakelijke rijder veel werk uit handen neemt. De koppeling met Google Maps en de smartphone-applicatie zorgen voor minder handelingen bij het registreren van routes met eventuele omwegen. De markering van privé- of zakelijke ritten gaan simpel via het zetten van een vinkje. De website maakt het omslachtige handmatig bijhouden van kilometers en het inbouwen van dure GPS-kastjes overbodig.
 
Betrouwbaar
 
Het programma biedt de mogelijkheid om aan te geven of het een gecombineerde zakelijke en privérit betreft, waardoor er geen dubbele kilometers worden gerekend. Het waarschuwt ook als de grens van 500 privékilometers in zicht komt. Routes zijn op een persoonlijke pagina altijd achteraf te corrigeren en als back-up beschikbaar. Rapportages van de gereden kilometers kunnen elk gewenst moment worden uitgedraaid en voldoen aan de eisen van de belastingdienst.
 
Maand gratis uitproberen
 
Geïnteresseerden kunnen een maand lang, zonder verplichtingen, gratis gebruikmaken van de dienst. Wie het bevalt, kan een abonnement nemen voor 3 euro per maand, exclusief btw. Opzeggen kan per maand. De smartphone-applicatie is te verkrijgen in de Iphone App Store en binnenkort volgt uitbreiding naar Android® en BlackBerry®.
 

 

220.000 Brieven voor lease-auto’s

Suzanne van den Bremer Dinsdag 26 Oktober 2010

Mensen met een leaseauto krijgen deze week een brief van de Belastingdienst. Althans als ze niet de fiscale bijtelling betalen die hoort bij een auto van de zaak. Volgens de hoofdregel belast de fiscus 25% van de catalogusprijs van de auto als extra inkomen. Men kan daaraan ontsnappen door de Belastingdienst te melden dat men niet privé met de auto rijdt. Of in elk geval minder dan 500 kilometer.  Alle mensen die zo’n verklaring hebben afgelegd, worden deze week nog eens met de neus op de feiten gedrukt. Dat gebeurt juist nu omdat veel automobilisten aan het eind van het jaar boven die 500-kilometergrens uitkomen. Als dat gebeurt moeten ze de fiscus inlichten. Een opzeggingsbrief van de zogenoemde ‘verklaring geen privégebruik’ zit bij de brief van de Belastingdienst. Zodra iemand de verklaring intrekt, geldt voor het hele kalenderjaar 2010 de 25%-bijtelling. Dus niet alleen voor de resterende maanden. De regeling geldt namelijk per kalenderjaar, zo laat de Belastingdienst nog eens uitdrukkelijk weten.

Daardoor kan het voor automobilisten voordeliger zijn aan het eind van het jaar de taxi te nemen dan met de zakenauto de 500 kilometergrens te overschrijden. Dat laatste kan bij een auto van 25.000 euro meer dan 3.000 euro kosten. Dan kan het zelfs lonen in december maar een auto te huren voor het eigen gebruik.

Bron: NRC Handelsblad, 26 oktober 2010

Ook niet-schriftelijk bewijs mogelijk ter voorkoming van bijtelling

Erik Kramer Maandag 25 Oktober 2010

De Hoge Raad, de hoogste belastingrechter, heeft op 22 oktober 2010 uitspraak gedaan in een zaak over de reikwijdte van de tegenbewijsregeling ter voorkoming van de bijtelling. Dit tegenbewijs hoeft volgens de Hoge Raad niet per se schriftelijk te worden geleverd.

Het ging om een situatie waarin aan een medewerker van een verhuurbedrijf een auto ter beschikking was gesteld. Overdag werd deze auto ook door collega’s gebruikt voor het halen en brengen van verhuurauto’s naar verschillende adressen.
Deze medewerker hield zelf een rittenregistratie bij ter voorkoming van de bijtelling. Van de ritten door collega’s ontbraken in die administratie echter gegevens over de bezochte adressen en de gereden routes. Volgens de inspecteur betekende dit dat de rittenregistratie niet sluitend was, zodat alsnog een bijtelling aan de orde was.

Volgens de wet is de bijtelling echter niet van toepassing als uit een rittenregistratie of anderszins blijkt dat belanghebbende de auto in een jaar niet voor meer dan 500 km voor privédoeleinden heeft gebruikt. De lagere rechters hadden geoordeeld dat hier niet aan was voldaan omdat deze medewerker geen schriftelijke stukken had overlegd waaruit de bestemming van de ritten van zijn collega’s bleek. Wel had hij mondelinge verklaringen hierover afgelegd.

De Hoge Raad vernietigt dat oordeel echter. Volgens de Hoge Raad is de opvatting onjuist dat het tegenbewijs uitsluitend met schriftelijke stukken mag worden geleverd: Men kan met elk bewijsmiddel laten blijken dat de ter beschikking gestelde auto op jaarbasis voor niet meer dan 500 km voor privédoeleinden is gebruikt.

Bijtelling voorkomen door splitsing contracten?

Suzanne van den Bremer Dinsdag 12 Oktober 2010

Rechtbank Breda heeft uitspraak gedaan in een case van een directeur-aandeelhouder met een holding en een werkmaatschappij. De holding had in 2009 een Audi S6 gekocht met een catalogusprijs van € 132.750. Of je dan wel of niet bijtelling hebt, maakt nogal wat uit.

De directeur-aandeelhouder probeerde de bijtelling te voorkomen door te werken met twee huurcontracten. De holding verhuurde de auto op werkdagen aan de werkmaatschappij en op weekend- en feestdagen aan de directeur. Ook had de directeur het recht de auto op 35 werkdagen te huren en daarvoor had de holding bij de werk-BV het recht voorbehouden om de auto op 35 werkdagen niet aan de werk-BV te verhuren.

De werkmaatschappij stelde de auto op werkdagen ter beschikking aan de directeur, maar met een verbod op het maken van privéritten. De directeur hield op werkdagen een kilometerregistratie bij.
De rechter in Breda oordeelt dat er hier, gezien de positie van de directeur (feitelijk meer ondernemer dan werknemer en in staat het beleid te bepalen), de samenhang tussen de overeenkomsten en het feitelijk gebruik van de auto, sprake is van een auto waarop de bijtelling van toepassing is.

Zeker na het recente arrest van de Hoge Raad van 13 augustus 2010 wekt deze uitkomst geen verbazing: Als een auto ter beschikking is gesteld, geldt het wettelijke vermoeden van privégebruik tenzij aangetoond kan worden dat het privégebruik op jaarbasis niet meer is dan 500 kilometer. Maar bijvoorbeeld ook uit een eerder besluit van de fiscus (uit december 2000) had deze directeur al kunnen afleiden dat de fiscus dubbele contracten in onderlinge samenhang beziet.

De stelling dat de forfaitaire bijtelling te hoog was, omdat de werkelijke kosten lager zijn (de auto was tweedehands gekocht en had dus een lagere afschrijving dan een nieuwe auto) hielp belanghebbende evenmin. Rechtbank Breda oordeelt dat de wettekst expliciet vermeldt dat de bijtelling ten minste 25% bedraagt en dat de rechter de grondwettelijkheid van een wettelijke bepaling niet mag toetsen. Voor ondernemers waarvan de winst belast wordt met inkomstenbelasting (bijv. eenmanszaken) bestaat zo’n regeling overigens wel.

Afkoop bijtelling op bestelauto?

Erik Kramer Maandag 11 Oktober 2010

EVO, de belangenorganisatie voor logistieke ondernemers, presenteerde onlangs haar jaarlijkse top-10 van administratieve ergernissen. De kilometeradministratie voor bestelauto’s staat daarbij op de eerste plaats.

Vele duizenden bestelautochauffeurs houden een kilometeradministratie bij, maar dat is volgens EVO een zeer risicovolle bezigheid. Fouten in de administratie kunnen immers tot grote naheffingen en boetes leiden. EVO stelt daarom voor om werkgevers de mogelijkheid te geven om voor een vast bedrag per jaar de bijtelling af te kopen.

Inmiddels, zo bericht De Telegraaf, lijkt hiervoor een kamermeerderheid te bestaan nu VVD, CDA en PvdA hier welwillend tegenover staan.

Op dit moment bestaat er overigens ook al een afkoopmogelijkheid. Voor € 300 per jaar per bestelauto kan de bijtelling worden afgekocht voor bestelauto’s die doorlopend wisselend door meerdere werknemers gebruikt worden. Er mag dan geen sprake zijn van een vaste berijder of van een vast wisselend gebruikspatroon. In de praktijk kan deze regeling daarom in veel situaties niet worden gebruikt. Daarnaast bestaat de mogelijkheid van een vereenvoudigde rittenadministratie voor situaties waarin uit de administratie van de werkgever de bezochte adressen blijken.

Het Belastingplan 2011 dat inmiddels bij de Tweede Kamer is ingediend, bevat nog geen voorstel voor een bredere afkoopmogelijkheid. Als genoemde fracties een afkoopmogelijkheid willen invoeren, kunnen zij bij de behandeling van dit wetsvoorstel eind oktober een amendement indienen. Wij houden u daarover op de hoogte.

Belastingplan 2011 voor de automobilist

Erik Kramer Zondag 10 Oktober 2010

Op basis van de wetsvoorstellen die op Prinsjesdag bij de Tweede Kamer zijn ingediend, zetten wij hieronder de maatregelen voor u op een rij.

Vrijstellingen voor zeer zuinige auto

Om de fiscale faciliteiten voldoende uitdagend te houden is periodieke bijstelling van de CO2-uitstootnormen nodig. Deze normen worden, ondanks eerdere geruchten, per 2011 echter nog niet bijgesteld. In 2011 zal er eerst een onderzoek plaatsvinden naar de stimuleringsmaatregelingen in de BPM, MRB en bijtelling. Het Ministerie van Financiën meldt in dat kader dat iedereen die nu een zeer zuinige auto rijdt, in ieder geval tot 2013 blijft profiteren van het nul-tarief in de MRB.

Stilleggen afbouw BPM

In het Belastingplan 2011 wordt de in gang gezette afbouw van de BPM en de daaraan gekoppelde verhoging van de MRB stilgelegd. De reden is het feit dat de invoering van de kilometerheffing niet verloopt volgens het plan zoals dat is opgenomen in het Wetsvoorstel Kilometerprijs, dat in de Tweede Kamer niet haalbaar bleek te zijn.
Naast deze afbouw van de BPM speelt er ook een ombouw van de BPM: Sinds 1 januari 2010 is de BPM-grondslag al voor een deel gebaseerd op de absolute CO2-uitstoot. Hiermee is de eerste stap gezet van de ombouw van de BPM van een heffing op basis van catalogusprijs naar een heffing op basis van absolute CO2-uitstoot. De hiervoor genoemde stilzetting van de afbouw van de BPM krijgt vorm door verhoging van de voor de jaren 2011, 2012 en 2013 reeds vastgelegde CO2-afhankelijke tarieven in de BPM.
Deze tarieven zullen vanaf 1 januari 2011 ook worden aangepast voor inflatie. De ombouw van de BPM-grondslag naar absolute CO2-uitstoot heeft alleen betrekking op personenauto’s. Voor bestelauto’s, kampeerauto’s e.d. blijft de catalogusprijs als grondslag gelden.

Stimulering Euro-6

Vanaf 1 januari 2011 moet elke nieuwe dieselpersonenauto zijn voorzien van een af-fabriekroetfilter op grond van de dan geldende Euro-5 norm. Vanaf die datum mag Nederland auto’s die voldoen aan de vólgende set normen, Euro-6, fiscaal stimuleren. Dat gebeurt door dieselpersonenauto’s die voldoen aan de Euro-6 norm een korting op de BPM te geven van € 1500. Deze korting wordt verminderd naarmate het tijdstip nadert waarop de Euro-6-norm verplicht wordt. Met ingang van 1 januari 2012 geldt een korting van € 1000 en vanaf 1 januari 2013 een korting van € 500.

Geen differentiatie MRB naar fijnstofuitstoot

Door de demissionaire status van dit kabinet worden eerder aangekondigde beleidsvoornemens niet in dit belastingplan uitgewerkt. Zo is de in het Belastingplan 2010 aangekondigde differentiatie van de MRB voor dieselauto’s op basis van het al dan niet aanwezig zijn van een af-fabriekroetfilter (fijnstofuitstoot ten hoogste 5 mg/km) niet in dit belastingplan opgenomen.

Versneld afschrijven

De regeling op grond waarvan investeringen in nieuwe bestelauto’s en zeer zuinige personenauto’s tot versnelde afschrijving kunnen leiden, wordt verlengd voor investeringen in het jaar 2011. De afschrijving in het investeringsjaar bedraagt dan maximaal 50% van het verschil tussen aanschaf- en restwaarde. Het restant kan in het tweede jaar worden afgeschreven.

Bijtelling verzwaard door arrest Hoge Raad

Stephan van den Bremer Zaterdag 02 Oktober 2010

De extra bijdrage die een leaserijder aan de werkgever betaalt wanneer hij het leasebudget overschrijdt, is slechts deels aftrekbaar voor de bijtelling. Namelijk alleen voor zover de bijdrage valt toe te rekenen aan de privékilometers. Dat concludeert accountantbureau BDO op basis van een arrest van de Hoge Raad. Volgens accountantsbureau BDO heeft de Belastingdienst inmiddels laten weten het arrest op  te volgen.

Sinds januari 2006 mocht volgens de Belastingdienst elke eigen bijdrage in mindering worden gebracht op de bijtelling. Ook als de werkgever een hogere eigen bijdrage vraagt  van de werknemer omdat hij bijvoorbeeld kiest voor een auto uit een duurdere klasse. Nu meldt de Belastingdienst: bij een hoger leasebedrag voor een auto uit een duurdere klasse komt alleen het bedrag dat de werknemer aan de werkgever betaalt voor het privégebruikin mindering op de bijtelling. "Dat heeft financiële en administratieve consequenties", aldus Marcel Kawka, belastingspecialist van BDO. "De bijtelling wordt hoger en een kilometeradministratie onontbeerlijk".

(Bron: Automotive nummer 16, 1 oktober 2010)

Besluit over reiskostenvergoedingen en bijtelling geactualiseerd

Erik Kramer Dinsdag 07 September 2010

In een nieuw besluit heeft de Minister van Financiën regels afgekondigd voor reiskostenvergoedingen, onder andere in verband met invoering van de OV-chipkaart. Daarnaast wordt ook ingegaan op specifieke bijtellingssituaties, waaronder wachtdiensten.

Vaste reiskostenvergoedingen

In het besluit wordt bepaald dat ook nu de oude praktische regeling uit 2005 nog mag worden voortgezet op basis waarvan een vaste reiskostenvergoeding kan worden verstrekt aan werknemers die hoofdzakelijk naar een vaste werkplek reizen.
Als een werknemer op jaarbasis doorgaans naar één of meer vaste arbeidsplaatsen reist, kan een werkgever aan de hand van de volgende factoren een vaste vrije vergoeding van reiskosten bepalen:
a. aantal reguliere werkdagen per jaar, verminderd met het gemiddeld aantal dagen in verband met kortstondige afwezigheid (vakantie, verlof en ziekte): 214;
b. de totale reisafstand, dat wil zeggen heen en terug, bedraagt maximaal 150 kilometer per dag. Bij langere reisafstanden moet nacalculatie plaatsvinden.

De toegestane vrije vaste vergoeding voor reiskosten is dan op jaarbasis: 214 x factor b x € 0,19. De toegestane vaste vrije vergoeding per maand of per week is het bedrag op jaarbasis, gedeeld door respectievelijk 12 of 52.

Een werknemer reist op jaarbasis doorgaans naar een vaste arbeidsplaats als hij de desbetreffende arbeidsplaats op jaarbasis vermoedelijk ten minste 36 weken (70% x 52 weken) zal bezoeken. Als de dienstbetrekking gaandeweg het kalenderjaar eindigt, mag worden uitgegaan van 70% van het aantal volle weken dat het dienstverband vermoedelijk duurt. Een werknemer die bijvoorbeeld in oktober (week 41) met pensioen gaat, heeft in dat jaar een dienstverband van 40 weken. Als hij in die 40 weken vermoedelijk minimaal 28 weken naar dezelfde arbeidsplaats zal reizen, reist hij op jaarbasis doorgaans naar een vaste arbeidsplaats.

Voorbeeld
Werknemer A reist 5 dagen per week naar zijn werk. Zijn totale reisafstand is 36 km (18 km enkele reis).
Op jaarbasis is dan een vaste vrije reiskostenvergoeding toegestaan van: 214 x 36 x € 0,19 = € 1.464, ofwel € 122 per maand of € 28 per week.

Als op minder dagen per week naar dezelfde plaats gereisd wordt, moet de vergoeding naar evenredigheid berekend worden.

OV-chipkaart

De werkgever kan in plaats van een vergoeding van 19 eurocent per kilometer, ook de werkelijke OV-kosten vergoeden. Daarvoor zouden dan de plaatsbewijzen bewaard moeten worden. Bij gebruik van de nieuwe OV-chipkaart kan dat echter niet meer. Daarom wordt toegestaan dat bij gebruik van de OV-chipkaart het bewijs dat er gebruik is gemaakt van het openbaar vervoer ook kan worden geleverd met de door het vervoerbedrijf gemaakte overzichten van transacties met de OV-chipkaart.

Wachtdienstregeling en bijtelling

Voor de bijtelling geldt een praktische regeling voor privéritten tijdens wachtdiensten. Alle ritten tijdens een wachtdienst kunnen als zakelijke ritten worden aangemerkt, als is voldaan aan de voorwaarden dat de werknemer geen keuze heeft over de aangeschafte auto, hij privé ook een goed voor privégebruik geschikte auto heeft, hij tijdens de wachtdienst binnen een redelijke afstand van zijn woonplaats moet blijven en hij de ritten tijdens de wachtdienst goed gespecificeerd bijhoudt.

Hardheidsclausulebeleid voor de bijtelling

De fiscale wetgeving kent een specifieke mogelijkheid tot beroep op de zogenaamde hardheidsclausule als letterlijke toepassing van de wet onbillijk zou uitpakken. Voor de bijtelling wordt in het besluit echter opgemerkt dat verzoeken om toepassing van deze hardheidsclausule steeds worden afgewezen. De reden daarvan is het forfaitaire karakter van de bijtellingsregeling. De bepaling is volgens de minister van Financiën daardoor “niet vrij van een zekere ruwheid”: “Gelet op de bewuste keuze van de wetgever wijs ik verzoeken om toepassing van de hardheidsclausule met betrekking tot de regeling voor privégebruik met een auto van de zaak steeds af. Dit geldt bijvoorbeeld voor situaties waarin het bedrag van het autokostenforfait hoog is in verhouding tot het aantal daadwerkelijk gereden privékilometers, situaties waarin een duurdere auto wordt gebruikt dan de belastingplichtige gelet op zijn maatschappelijke positie in privé zou hebben aangeschaft of wanneer de werkelijke kosten lager zijn dan het autokostenforfait.”
Wel wordt in het besluit de eerder al gepubliceerde beleidslijn herhaald dat de bijtelling per auto geldt, zodat bij gelijktijdige terbeschikkingstelling van meerdere auto’s, per auto gekozen kan worden voor het al dan niet bijhouden van een rittenadministratie.

Hertz en Zakelijk Rijden werken samen

Erik Kramer Woensdag 18 Augustus 2010

Zakelijk Rijden biedt een oplossing voor zakelijke rijders en ondernemers die hun kilometers bij moeten houden voor hun werkgever, belastingdienst, wagenpark of klanten. De oplossing werkt via internet, eventueel in combinatie met een Smartphone. In ieder geval zonder kastjes, software of andere benodigdheden. Deze manier van kilometerregistratie heet flexibel, eenvoudig en overzichtelijk te zijn. Zo wordt er een voorspelling gegeven voor de 500 kilometerlimiet, en zijn er kant-en klare rapportages en backups beschikbaar.

Dankzij de samenwerking kunnen Hertz klanten voor een speciaal tarief van 3 euro (excl. BTW) per maand abonnee worden.

Henk van den Helder, algemeen directeur Hertz Benelux: "Deze manier van kilometers registreren maakt het makkelijk voor onze zakelijke rijders omdat het een handige en eenvoudige tool is waarmee veel tijd en geld bespaard kan worden. Normaal is het vaak een tijdrovende bezigheid door zelf boekjes in de auto bij te houden die dan weer overgezet moeten worden naar spreadsheets of anderzijds. Zakelijk rijden met Hertz moet wel leuk blijven!"

Suzanne van den Bremer, algemeen directeur Zakelijk Rijden: "Gemak staat voor ons centraal bij deze online tool centraal. Bestemmingen geef je eenvoudig op door de geintegreerde Google Maps of via je Smartphone. De gebruiker heeft automatisch inzicht in prive en zakelijke kilometers. Ons doel is leaserijders, ondernemers en wagenparkbeheerders te voorzien van de vriendelijkste manier van kilometerregistratie. We verheugen ons dan ook erg op het partnerprogramma met Hertz."

Bovennormbijdrage niet meer aftrekbaar van de bijtelling?

Erik Kramer Dinsdag 17 Augustus 2010

Naar aanleiding van een arrest van de Hoge Raad van 13 augustus 2010 hebben diverse media gemeld dat de bovennormbijdrage niet langer aftrekbaar is. De uitspraak gaat echter over een specifieke situatie.

Wat was het geval? In de situatie waar de Hoge Raad over geoordeeld heeft, was er sprake van een werknemer die een duurdere auto wilde rijden dan de leaseregeling van het bedrijf voorschreef. De keuze voor een duurdere auto was weliswaar mogelijk, maar leidde tot het verschuldigd worden van een maandelijkse “bovennormbijdrage” (in dat jaar in totaal € 5.203). Deze was ook verschuldigd als er privé niet met de auto gereden zou worden. Daarnaast was voor het privégebruik een vaste maandelijkse eigen bijdrage verschuldigd van 124 euro.

De rechters oordeelden dat in dit geval de bovennormbijdrage niet geheel aftrekbaar is van de bijtelling. Die uitkomst heeft echter alles te maken met het feit dat er twéé maandelijkse bijdragen waren: een bijdrage voor privégebruik en een (niet als privégebruik benoemde) bijdrage voor de overschrijding van het leasebudget. De rechters oordeelden dat belanghebbende niet aannemelijk heeft gemaakt dat deze laatste bijdrage alleen voor privégebruik was. De conclusie is dan ook dat de bovennormbijdrage alleen aftrekbaar is voor het privégedeelte: oftewel in de verhouding van de privékilometers ten opzichte van het totaal aantal kilometers.

Uit dit arrest kan niet de conclusie getrokken worden dat de bovennormbijdrage nooit meer aftrekbaar is. Wel moet voor aftrek aan twee voorwaarden zijn voldaan: de bijdrage moet aan de werkgever betaald worden en moet verschuldigd zijn wegens privégebruik. In bovengenoemde situatie had men er dan ook beter voor kunnen kiezen om in de autoregeling de eigen bijdrage voor privégebruik op te bouwen uit zowel het vaste maandelijkse bedrag als het maandelijkse bedrag voor de normoverschrijding. De informatie op de website van de belastingdienst bevestigt dat de bijdrage voor privégebruik dan aftrekbaar is: “U kunt met uw werkgever afspreken dat u een eigen bijdrage voor het privégebruik van de auto betaalt. Elke eigen bijdrage die u aan uw werkgever betaalt, kan van de bijtelling worden afgetrokken. Dat geldt ook voor een hoger leasebedrag voor een auto uit een duurdere klasse”.

Zakelijk Rijden online kilometeradministratie live!

Erik Kramer Donderdag 12 Augustus 2010

Met trots presenteren we Zakelijk Rijden online kilometerregistratie. Vanaf begin augustus 2010 is versie 1.0 live gegaan. Profiteer nu van de eerste maand gratis gebruik van het complete platform, daarna  € 3,- per maand (per maand opzegbaar, prijs exclusief BTW).

Zakelijkrijden.nl biedt u een eenvoudige én goedkope oplossing om een sluitende online kilometeradministratie op te stellen. Eenvoudig doordat we uw ingevoerde vertrekpunten en bestemmingen automatisch opslaan, zodat een tweede keer de adresgegevens automatisch aangevuld worden zodra u de eerste letters intypt. Maar ook door simpele GPS invoer via uw Smartphone en vervolgens te synchroniseren met uw eigen online account. Zakelijkrijden.nl heeft de hoogwaardige integratie met Google Maps, waardoor u met één klik vertrek en bestemming kunt ingeven, en slepen om alternatieve routes aan te geven vanwege files of andere oorzaken. Voor € 3,- per maand, eerste maand gratis, daarna per maand opzegbaar (prijs exclusief BTW).

Zakelijk gebruik voor een andere baan leidt tot bijtelling

Erik Kramer Maandag 05 Juli 2010

Als een werknemer een auto van de zaak die aan hem ter beschikking is gesteld voor niet meer dan 500 km privé gebruikt, is de forfaitaire bijtelling niet van toepassing. Bij die privékilometers tellen echter ook kilometers voor een andere baan mee. Dat kan leiden tot onvermoede toepassing van de bijtelling.

Dat overkwam een dezer dagen een berijder van een Porsche Cayenne Turbo met een catalogusprijs van ruim 165.000 euro. Ondanks dat hij zijn echte privéritten met zijn privé Porsche 911 Cabriolet reed en voor zijn zakelijke ritten een kilometeradministratie bijhield, kreeg hij toch een bijtelling voor de Cayenne.

De oorzaak daarvan is dat de Cayenne door zijn ene werkgever ter beschikking was gesteld, terwijl hij deze ook (zakelijk) gebruikte voor een andere baan. De ene werkgever belaste voor dat zakelijke gebruik een bedrag door aan de andere werkgever, maar dat was onvoldoende om de bijtelling te voorkomen. Bezien vanuit de baan waarbij de auto ter beschikking is gesteld, moeten de zakelijke kilometers voor de andere baan volgens de rechters van Gerechtshof Den Haag worden aangemerkt als privékilometers, zodat de 500-kilometergrens ruimschoots overschreden is.

Een oplossing voor dit soort situaties kan gevonden worden in het gezamenlijk ter beschikking stellen van de auto door beide werkgevers. Ook zal de bijtelling, als de 500-kilometergrens niet door privégebruik overschreden wordt, voorkomen kunnen worden als de ene baan wordt uitgeoefend binnen het kader van de andere baan.

Sluitende rittenregistratie blijft belangrijk

Erik Kramer Donderdag 24 Juni 2010

Als de werkgever ook voor privégebruik een auto ter beschikking stelt, geldt voor die auto de forfaitaire bijtelling, tenzij blijkt dat de auto op kalenderjaarbasis voor niet meer dan 500 kilometer voor privédoeleinden wordt gebruikt. Dat woord “blijkt” betekent volgens de rechtspraak “overtuigend aantonen”. Een nieuwe uitspraak bevestigt dit.

Het ging in die zaak om iemand die een rittenregistratie had bijgehouden. Bij controle bleken daar echter grote onjuistheden en tegenstrijdigheden in te zitten. Zo waren er verschillen tot honderden kilometers geconstateerd in de totale afgelegde afstand bij ritten naar dezelfde (buitenlandse) bestemming en ook werd de reden van omrijkilometers of een “via-route” niet vermeld.
De rechters van Gerechtshof Den Bosch oordeelden dat het bewijs dat met de auto op jaarbasis niet meer privé is gereden dan 500 kilometer vormvrij is, als het maar overtuigend bewijs vormt. Hoewel dit tegenbewijs dus niet per se gebonden is aan een sluitende rittenregistratie, is dat doorgaans wel de beste manier. Bij het niet bijhouden van een rittenadministratie kan men er tegenaan lopen dat het overige bewijs onvoldoende blijkt te zijn. Dat deed zich bijvoorbeeld in de rechtspraak voor bij iemand die alleen kopieën van zakelijke agenda’s en van garagenota’s kon laten zien. Het andere bewijs kan bijvoorbeeld ook worden geleverd met een schriftelijke overeenkomst met een gecontroleerd verbod op privégebruik.

In deze zaak gaat het om iemand die weliswaar een rittenadministratie heeft bijgehouden, maar de gesignaleerde onduidelijkheden en tegenstrijdigheden niet afdoende kan verklaren. Wel had hij verklaringen laten opstellen door zijn echtgenote en dochter en daarnaast ook door twee zakenrelaties. Die verklaringen waren volgens het Gerechtshof echter “te vaag”. Ook het beroep op controle van de rittenadministratie door de belastingdienst over een ander jaar hielp hem niet, nu zo’n controle niets zegt over het jaar waar deze naheffing over ging.

Welke controle over dat andere jaar precies is uitgevoerd, blijkt niet uit de uitspraak. Wel valt op dat de inspecteur stelt dat toen alleen de wijze van administreren is bekeken en dat de betrouwbaarheid van de in de administratie opgenomen gegevens niet is gecontroleerd. Normaliter zullen echter beide aspecten aan de orde komen. Mocht dat in een specifieke situatie niet het geval zijn, dan zal de belastingdienst dat duidelijk moeten afbakenen, om later alsnog de mogelijkheid open te houden om voor dat specifieke jaar ook naar de betrouwbaarheid van de gegevens te kijken. Als het in zijn algemeenheid gaat om controle van de rittenregistratie, dan moet u er als berijder immers op kunnen vertrouwen dat de controle over dat jaar daarmee geheel is afgerond.

Bij gezamenlijk gebruik ook gedeelde bijtelling

Erik Kramer Dinsdag 15 Juni 2010

Als een auto van de zaak gelijktijdig aan meerdere werknemers ter beschikking is gesteld, moet de bijtelling in redelijkheid over beide gebruikers worden verdeeld. Gerechtshof Arnhem heeft onlangs uitspraak gedaan in een zaak die dit duidelijk illustreert.

In deze zaak was allereerst in discussie over er sowieso wel auto’s ter beschikking waren gesteld. Zowel de directeur van de onderneming als de betreffende werkneemster ontkenden dat. De werkneemster maakte, naar eigen zeggen alleen voor zakelijke ritten, gebruik van achtereenvolgende auto’s die ook door de directeur werden gebruikt. Na afloop van de rit werd de auto doorgaans op de zaak geparkeerd of, bij gezamenlijke ritten, bij het vlak bij haar eigen woonhuis gelegen huis van de directeur. De auto’s werden echter ook gebruikt voor zakelijke ritten die bij haar eigen huis begonnen en weer eindigden. Er was geen sprake van een kilometeradministratie. Wel heeft de werkneemster een aantal verklaringen van derden over het gebruik van de auto’s aan de rechters overlegd.

De rechters van het Gerechtshof Arnhem zijn echter van oordeel dat er wel degelijk sprake is van auto’s die ook voor privédoeleinden ter beschikking zijn gesteld, zodat bijtelling op zijn plaats is tenzij bewezen kan worden dat het privégebruik niet meer is dan 500 kilometer op jaarbasis. Daarbij is van belang dat de auto’s ook voor woon-werkverkeer werden gebruikt en voor zakelijke ritten die thuis begonnen of eindigden. Verklaringen “van horen zeggen”, die niet met agenda’s e.d. gestaafd kunnen worden, kunnen niet dienen om te bewijzen dat er geen sprake is van privégebruik voor niet meer dan 500 kilometer.

Het Gerechtshof oordeelde verder op basis van de feiten dat de auto’s zowel aan deze werkneemster als aan de directeur ter beschikking waren gesteld. De bijtelling moet dan in redelijkheid over beiden worden verdeeld. Hoe die verdeling plaats moet vinden, is volgens de rechters afhankelijk van de bijzondere omstandigheden van het geval. Omdat concrete ritgegevens ontbraken, en het door de rechters niet onaannemelijk werd geacht dat de auto’s op een groot gedeelte van de doordeweekse dagen en een klein deel van het weekend aan de werkneemster ter beschikking stonden, werd de bijtelling “in goede justitie” voor de helft aan de werkneemster en voor de helft aan de directeur toegerekend.

Eigen bijdrage voor privégebruik?

Erik Kramer Woensdag 10 Februari 2010

Eigen bijdragen die de werknemer aan de werkgever betaalt voor privégebruik van de auto van de zaak zijn aftrekbaar van de bijtelling. Soms is echter de vraag of er wel sprake is van een bijdrage voor privégebruik.

Bij de rechter speelde recent een zaak waarbij een directeur via zijn eigen B.V. een auto leaste met een catalogusprijs van rond de 48.000 euro en gedurende twee jaren jaarlijks bijna 10.000 euro aan eigen bijdragen betaalde aan de B.V. Uit een strafrechtelijk boekenonderzoek door de FIOD bleek dat er sprake was van auto’s waarbij gedurende een korte looptijd maandelijks een hoge leasetermijn werd betaald. Die leasetermijnen waren grotendeels bedoeld om zeer snel op de auto af te schrijven, waarna de werknemer de auto kon overnemen tegen de lage gecalculeerde restwaarde. Deze auto werd dan ook na 28 maanden overgenomen voor bijna € 5.000 terwijl de handelswaarde rond de € 20.000 lag. De bedenker van deze methode gaf zelf in dit onderzoek aan dat “de werknemer al die tijd betaald heeft om die restwaarde van de auto te laten zakken. Hij heeft eigenlijk de auto al voor een groot deel betaald”. Het wekt dan ook geen verbazing dat de rechter van oordeel is dat de vergoeding die deze berijder aan de B.V. betaalde niet kan worden aangemerkt als bijdrage “voor privégebruik”.

Bovenstaande casus was wel een heel bijzondere. In zijn algemeenheid geldt echter wel dat het van groot belang is om goed vast te leggen dat de door de werknemer betaalde bijdrage wordt ingehouden “voor privégebruik”. Bijvoorbeeld bij het in de eigen bijdrage verwerken van de inhouding voor gedeclareerde brandstofkosten voor vakantieritten of het in de eigen bijdrage meenemen van een vergoeding van een leasenormoverschrijding door de werknemer.

Zakelijkrijden.nl in het nieuws!

Erik Kramer Zondag 01 Maart 2009

Zakelijkrijden.nl in het nieuws!